maandag 27 oktober 2014

Pissed of deel drie (en laatst?)

Dus ja, dus ja, ging ik maar aan de slag met die FIFO jaarkalender, zoals dat afgrijselijke domme karwei heet. Ik had mijn tijd beter kunnen besteden aan een, zelf opgesteld hygiëne, lees schoonmaak programma, maar FM (N) had heel ander ideeën. Dus stond ik domme dingen, in mijn ogen dan, te doen, terwijl R., mijn gabber van het KDT, mijn werk liep te doen.

Maar, so be it. De rivaliteit, nee, ik moet zeggen, de winkelwedstrijd, door de mensen in "pakken" bedacht, pakte dus ook niet goed uit voor ons. De groenteman en de man van de kip en kaas en de dame van de zuivel zeiden allemaal, bijna tegelijk: 'Krijg het heen en weer met je winkelwedstrijd, wij willen gewoon ons werk doen en geen gel.., eh, gedoe, zeg maar'. Als ik zeg dat de bewoordingen anders en minder wellevend waren, dan geloven jullie me vast niet!
Maar goed, geen winkelstrijd bij ons, in ons filiaal, dan. Maar wel, kreeg onze FM, de FM(N) was geloof ik nog niet aangetreden, het verzoek van een filiaal van ons, iets verderop in de stad, om hulpkrachten te gaan leveren. 'Maar', vroeg FM 'waarom?' Het antwoord was even simpel als vreemd. "We hebben een muizenplaag en hebben hulp nodig om die op te ruimen en schoon te maken en zo", reageerde, onder andere collega A, ooit, toen hij nog echt werkte, een fijne gabber, van dat filiaal. Onze FM is een van de beteren. Misschien wel de goeiste. Hij nam een hand, streek die over zijn hart en detacheerde, fraai oud Marine woord dit, een of twee collegae, die een dag of twee bezig waren met het vangen van die knaagdieren en het opruimen van dewelke (let op het fraaie oude woord) nesten en zo. 
De dag nadien kreeg FM weer een verzoek van hetzelfde filiaal. "Man, ja, we hebben weinig personeel en kan je een pax of twee zenden om hier wat te komen cleanen en zo?",was het zielige verzoek van de leiding van dat filiaal. FM, zoals gezegd, hebbende een groot hart, detacheerde weer dezelfde pax, KM taal voor personeel, en die deden hun best, werkten zich de koelere, daarbij glimlachend en koffiedrinkend gadegeslagen door de collegae van dat filiaal. Logisch dat ze lachten, ze hadden zich nooit ene moer aan getrokken van het (overigens niet aanwezige schoonmaakplan) van hun leidinggevenden.
Een lieve, dus vrouwelijke, collega, liet me oip een gegeven moment een foto zien die ze gemaakt had op haar altoos (ja, daar is er weer een) aanwezige Ipod, die zij, overigens heel "erotisch" verbergt in haar BH. (Nee, nee, nee, ik ga nu niet over de warmte en de geur van haar buste beginnen en zo, toen ze met het toestel voorhield, ik ben dan wel een Oude Baas, een zogenaamde OB, maar ik ben zeker geen VOB'tje, hoor) 
Op de foto die ik zag, zag ik een abstract schilderij. Ik ben geen liefhebber van abstracte kunst. Ik hou van figuratieve kunst. Hoewel ik op driehonderd meter afstand van het COBRA museum woon, heb ik er nog nooit een voet binnen gezet. COBRA is een groep kunstenaars uit de jaren vijftig, onder leiding, zeg maar, van Karel (ik rotzooi maar wat an) Appel, die heel abstract werk maakten, begrijp je? 
Wat collega liet zien was een voorstelling: een 'doek', 70 bij 40 cm, in een loodgrijze achter tint. Op het doek liepen strepen: blauw, grijs, oud schimmelachtig vaal en vaag bruin en ook soms hel verkleurd oranje naar beneden. "Ja meid, ik vin der niks an, ik hou niet van dit soort schilderijen, maar als jij dat gemaakt hebt en als jij dat leuk vindt, sla je vleugels uit en doe maar verder, dan!' zei ik tegen haar. (Ik had de leesbril niet op, overigens.) 
Collega (v) begon hardop te lachen. 'Joh, dit is geen schilderij, dit is hoe ik een van de onderste platen van de zuivel afdeling van dat filiaal aantrof! Ik heb op deze plaat minstens een half uur moeten boenen om het enigzins schoon te krijgen!' Ze lachte nog wat na en borg der platte ding, nu ja dat wat ze in der hand had dan, dus, op in haar welgevormde Bustehouder.
(Een oud Km rijmpje schoot door mijn hoofd: een matroos schreef aan zijn meisje: "Ik leg me nu te rusten en droom van U en Uw welgevormde buste") 

Dus ja, dat filiaal zou natuurlijk ook niet echt mee spelen ion die "race naar de top", dogten wij. Dogten wij! Want, wat schetste onze verbazing? Je gelooft het niet! Het filiaal dat wij, door inzet van ons personeel, uit de problemen hebben geholpen, het filiaal dat vol muizen en vuiligheid zat: heeft een prijs gewonnen! Een prijs voor, hou je vast: GOED HYGIENE PLAN!

Uit gelachen nu? Ik zeg het, het is waar! Je gelooft het niet, maar een bepaalde collega van dat filiaal loopt dat allemaal, kraaiend van de pret, te verkondigen. Op alle "sociale media" die je maar kunt verzinnen. En wij: nee, geen prijs, een tik op de vingers: want ons "vakken vul plan"  deugde niet. Misschien hadden we te weinig mensen in het filiaal, niet genoeg personeel aan het werk gezet? vroeg de "jury" nog eens fijntjes. 



Geen opmerkingen:

Een reactie posten